De dag begon met een klassiek moederlijk moment: half in paniek, half in hoop stuurde ik Danthe : “Hoe gaat die?” – wat eigenlijk code is voor: “Als jij vandaag moet overgeven in een tropisch bloemenparadijs, laat het dan nu weten.”
Gelukkig: hij voelde zich iets beter.
Nog niet klaar om een marathon te lopen, maar voldoende stabiel om rechtop te zitten. Check. Medicatie? In de handtas. Noodscenario’s? 50 keer overlopen. Stressniveau? Medium-high.
We konden vertrekken.

Stop 1: Jurassic Park voor beginners
Onze eerste halte: de Cloud Forest, oftewel een broeierig regenwoud vol mist, watervallen, tropische planten én een tijdelijke Jurassic Park expo.
Zorian was niet te houden. Die ging vol in dino-modus en deed alsof hij persoonlijk auditie kwam doen voor een volgende Jurassic World-film.


Ik? Ik liep erachter met een camera waarvan de lens telkens aandampte (want tropische luchtvochtigheid )
Papa? Die deed wat papa’s doen: kaartlezen, routes uitstippelen, logistiek optimaliseren.
En Danthe? Die strompelde er wat achter, zijn maag op een fragiel evenwicht tussen “oké” en “ik geef straks plantenvoeding op tropisch niveau”.

Stop 2: De bloemenhemel (en mijn haar in zweetplukken)
Na een kleine pauze waarin we onszelf bijtankten met water, ijsjes, hot-dogs en de eeuwige hoop dat het ooit weer onder de 38 graden zou zijn, gingen we door naar de Flower Dome.

Mooi! Koel! Instagrammable!
Zolang je het hoofd van je zwetende moeder maar buiten beeld hield.
Danthé begon zowaar weer een beetje kleur te krijgen. Of het was reflectie van de felle bloemen. Geen idee, maar het zag er hoopgevend uit.

Stop 3: Supertrees & TikTok-realiteit
Vol goede moed – en inmiddels met natte ruggen en opgedroogde voorhoofden in de vorm van zoutkristallen – trokken we naar de beroemde Supertrees.

TikTok had ons een fotoplek beloofd met “perfecte hoek, perfecte lichtinval, perfecte achtergrond”.
Reality check: 27 toeristen op één vierkante meter en een boom die toch minder super was als je ernaast stond.
Conclusie: filters doen veel.


Stop 4: “We gaan even afkoelen in een shoppingcenter” (aka: moeder op rust in foodcourt)
We waren op. En dus doken we een mall in. Daar kon Danthe een beetje kip binnenhouden (hoera!) en kon ik in alle stilte mijn gezwollen voeten en beblaarde (is dat eigenlijk zelfs een woord?? ) tenen even rust gunnen. Singapore mag dan modern zijn, niets weegt op tegen airco recht op je enkels als de gevoelstemperatuur oploopt nr 45graden.

Feestje? Singapore doet niet aan half werk.
Wist je dat Singapore dit jaar 60 wordt? En dat ze in augustus een gigantische nationale feestdag vieren met een parade, lichtshow én vuurwerk?
En dat ze dat dus elke zaterdag in juli repeteren alsof het een Broadwayproductie is?
Wij dus – professioneel voorbereid zoals altijd – tegen 17u een plekje gezocht aan het water.
Met een snuifje schaduw (lees: takje van 8 cm boven ons hoofd) installeerden we ons tussen een tsunami aan picknickende locals.
Iedereen had eten mee. Veel eten. Geurig eten. Smakkend eten.
Links van Danthe: iemand die met veel smaak noedels naar binnen zoog.
Rechts: iemand met kippenvleugels en een gebrek aan discretie.
Danthe’s gezicht werd per geluidseffect witter.
Nog even, en hij zou zijn kipgerecht recycleren… over de railing.

En toen… begon de magie
Gelukkig kwam de afleiding: militaire parade op het water, F16’s die laag over scheerden, dansende lichtjes, muziek, vuurwerk.
Het was… indrukwekkend.
Zelfs Danthe’s maag zweeg even. En dat wil wat zeggen.
Het laatste avondmaal (ja, écht)
Tegen 21u ploften we neer in een gezellig restaurantje aan het water.
Het was warm, we waren moe, ons haar zat raar van de luchtvochtigheid en mijn rug voelde als een natte spons… maar het eten was heerlijk.

We toastten op een mooie reis, op elkaar, en op het feit dat niemand onderweg in een tropische serre is gaan kotsen.

Tijdens het eten vanavond kwam de onvermijdelijke vraag:
“En volgend jaar? Waar trekken we dan naartoe?”
Geen flauw idee.
Maar één ding staat al vast:
m’n handtas zal opnieuw functioneren als EHBO-kit, apotheek, vuilbak, snackdoos én draagbare bibliotheek tegelijk.
Bror zal weer puffend staan wachten terwijl ik roep: “Wacht effe, ik wil een foto!”
Zorian zal weer moeite hebben met opstaan en Danthé zal gegarandeerd iets kiezen met actie of explosiegevaar.
En ik?
Ik zal op dag drie alweer denken:
“Volgende keer gewoon thuis in de tuin, platte rust en Nilsson… maar zal 2 minuten later ook weer volop aan het genieten zijn van de tijd met mijn gezin; zonder afleiding of stress.
Morgen terug naar huis
Om 21u lokale tijd vliegen we morgen terug naar België.
De ochtend en middag gebruiken we nog voor een laatste shopsessie (lees: impulsieve aankopen en nog net een extra valies erbij).
Een blogpost komt er dus misschien nog vanuit het vliegtuig, misschien ook niet.
Hoe dan ook; expeditie De Jonck hoopt dat jullie hebben kunnen genieten van onze avonturen, fratsen en idioot gedoe.
Voor ons, was het alweer een geslaagde reis, waarbij we weer een stukje van de wereldbonden zien en 3 weken intens konden genieten van de “De Jonck-gang” samen op pad.
